Banner
   

Nieuws

Schultz wil minder nationale ruimtelijke belangen en schrappen in procedures

16-6-2011
De voorgestelde wijziging van het ruimtelijk beleid komt voort uit verschillende ontwikkelingen. De belangrijkste is dat de regionale verschillen in Nederland toenemen. Dat maakt maatwerk noodzakelijk, aldus Schultz. Zo kunnen de regionale verschillen in groei en krimp gericht worden aangepakt. Ingewikkelde regelgeving en meerdere bestuurslagen die verantwoordelijk zijn voor de besluitvorming maken het Nederlandse ruimtelijke ordeningsbeleid weinig slagvaardig. Daarom schrapt de minister in de rijksbemoeienis. Zo ziet zij af van landsdekkende verstedelijkingsafspraken en locatiebeleid via nationale landschappen, rijksbufferzones en snelwegpanorama's. Het omgevingsrecht wordt vereenvoudigd, waardoor de doorlooptijd van procedures gehalveerd kan worden. Bovendien scheelt het jaarlijks 650 miljoen euro aan administratieve lasten.

Nationale opgaven en belangen
Door provincies en gemeenten de ruimte te geven, kan het rijk zich richten op het behartigen van ruimtelijke belangen die van nationale en internationale betekenis zijn. De ontwikkeling van de stedelijke regio's rond mainports, brainport en greenports gaat gepaard met economische ontwikkeling, energiebehoefte, vraag naar woningen en meer mobiliteit. Projecten als de Zuidas, de ontwikkeling van Schiphol, Rotterdam-Zuid, brainport Eindhoven en de schaalsprong Almere zijn cruciaal voor de nationale economie. Netwerken voor energie en buisleidingen zijn van nationaal belang. Ook het waarborgen van de waterveiligheid, van unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden, gezondheid en veiligheid is een taak van het Rijk. Uitgangspunten is zorgvuldig ruimtegebruik. Daartoe introduceert Schultz een voorkeursvolgorde voor duurzame verstedelijking. Infrastructuur en ruimte worden veel meer in samenhang aangepakt.

Ruimte voor nieuwe investeringen
Het infrastructuurnetwerk moet robuuster en meer samenhangend worden. Het selectieve investeringsbeleid is daarop gericht. Voor heel Nederland wordt de basis op orde gebracht. Het extra beschikbare geld wordt voor een belangrijk deel besteed aan projecten die bijdragen aan een betere bereikbaarheid van de gebieden met de grootste economische verdiencapaciteit voor Nederland. Tot en met 2020 zijn de keuzes voor infrastructurele projecten al gemaakt. Voor de jaren 2021-2028 is financiële ruimte voor nieuwe investeringen van 19,4 miljard. Schultz gebruikt hiervan 7,3 miljard voor nieuwe investeringen, zodat ook haar opvolgers voldoende financiële ruimte overhouden. Een paar voorbeelden van nieuwe investeringen vormen de ring Utrecht fase 2 (A12), de A7, A8 en A10 ten noorden van Amsterdam, de A1 Oost, een nieuwe westelijke oeververbinding in Rotterdam, de Rijnlandroute bij Leiden, en de A27 en A58 in Brabant.

800 kilometer aan extra rijstroken
In de Randstad wordt 2x4 rijstroken de standaard; daarbuiten moeten op termijn alle hoofdverbindingen 2x3 worden. In deze kabinetsperiode wordt 800 kilometer aan extra rijstroken aangelegd. Ook worden vaarwegen versterkt en komt er hoogfrequent spoor met om de 5 tot 6 minuten een trein op de drukste treinverbindingen tussen de grote steden in de Randstad, Brabant en Gelderland. Bovendien wordt veel geld uitgetrokken voor het verbeteren van het wegonderhoud.

Beter benutten van bestaande netwerken
Het infrastructuurbeleid wordt integraal aangepakt. Door weg, spoor, regionaal OV en vaarwegen in samenhang met ruimtelijke ontwikkeling te bekijken kan veel winst worden geboekt. Schultz trekt voor een betere benutting van de bestaande netwerken 794 miljoen euro uit. Zo gaan buiten de spits- en plusstroken langer open, in- en uitvoegstroken worden verlengd, er wordt geïnvesteerd in fietsenstallingen bij stations en het potentieel in de binnenvaart wordt beter ingezet. Naast verkeerstechnische maatregelen zet zij in op vermindering van de spitsdrukte in de gebieden met de grootste knelpunten. Onderdeel daarvan is de toepassing van nieuwe technologie en IT-toepassingen voor individuele en actuele reisinformatie.

Regionale pakketten
De minister werkt in de regio's met het bedrijfsleven en lokale en regionale bestuurders aan regionale pakketten. Dit najaar moeten deze maatregelpakketten op tafel liggen. Het gaat ook om afspraken over werktijden, thuiswerken en de keuzes die werknemers hebben voor de wijze van vervoer. Onderzocht wordt welke fiscale regels dit beleid kunnen ondersteunen.

Op 3 augustus legt de minister de concept structuurvisie Infrastructuur en Ruimte, het planmilieueffectrapport en de nieuwe artikelen van de Amvb Ruimte ter inzage. In verband met de zomerperiode stelt zij met ingang van 30 juni de stukken digitaal ter beschikking. Op de website van de Rijksoverheid zijn al wel een reeks bijlagen te vinden die de minister al naar de Tweede Kamer heeft gezonden.

bron: Ministerie van Infrastructuur en Milieu, 14/06/11

Twitter facebook linkedin

Copyright 2014 Nederlandse Vereniging van Rentmeesters GebruiksovereenkomstSitemap Website by:XCESS